Hout: levend materiaal
Eén van de eerste lessen bij houtbewerking: gebruik geen hout waar de kern in zit; het hout gaat onherroepelijk scheuren. Dat kan een beeld verruiineren. Maar de kern, of meerdere kernen in wortelhout, kunnen ook een heel mooie tekening, vorm en kleur hebben, en de scheuren kunnen aan een beeld ook een charme, een extra accent, geven. Ik neem bewust het risico. Veelal zijn de scheuren al aanwezig voordat ik met een stuk hout ga werken.
Vrijwel alle hout waarin ik werk komt uit de natuur, en wortelhout vind ik daar waar bomen gekapt worden. In de Betuwe is (wortel)hout van fruitbomen makkelijk te vinden, maar ik sleep ook van alles mee uit andere delen van het land.
Appel- peren- en kersen(wortel)hout: Wortelstukken van fruitbomen hebben een compacte kern met veel draaiingen, grillige uitstekels. Het levert altijd beelden op met scheuren en kleurverschillen. Ook ingerotte, holle stammen leveren prachtig hout op. Perenhout heeft een iets warmere kleur dan appelhout, terwijl kersenhout een nog waremere, rode kleur heeft.
Eikenhout en -stobbes: In bossen zijn vele stobbes van inlandse eiken te vinden. Zeer hard en duurzaam. Soms al met een mooie vorm van zichzelf, die veelal pas zichtbaar wordt nadat ik veel grond en slechte stukken verwijderd heb.
Beukenhout: Beukenhout is een harde houtsoort, maar na een aantal jaren in het bos te liggen is veel hout verrot en aangetast door schimmels. Na dat alles te hebben verwijderd blijft een harde kern over, met een heel grillige tekening. Heel anders dan het op zich saaie beukenhout dat voor meubels wordt gebruikt. Zie 'geheim leven' op de volgende bladzijde.
Acaciahout: Hout van de acacia (Robinia) is hard en duurzaam. Palen van acaciahout die onbewerkt in de grond staan hebben een lang leven. Een beeld dat behandeld is met olie kan dus erg lang mee. Met de tijd wordt de kleur, oorspronlijk geel, donkerder.
Wortelhout van de gouden regen: Prachtig wat er uit de grond komt. Loeiharde wortelstukken van een gouden regen die al zeker 15 jaar dood is. Grillige vormen waaruit ik heel verschillende beelden heb gemaakt.
Fabriekshout: Incidenteel heb ik gewerkt met stukken afvalhout uit de houthandel. Met keurige rechte lijnen, minder verrrassingen en minder uitdaging. Maar heel geschikt om te experimenteren met technieken en vormen; het leren kennen van hout en de gereedschappen. Sinds kort werk ik met (inlands) multiplex; heel anders, maar de gelaagdheid geeft een praktig effect. Het werkt wel heel anders, want hierbij werk ik wel met een (globaal) vooropgezet plan.
Diversen: Elke houtsoort heeft z'n eigen kenmerken en charme. Soms vind ik een stuk waarvan ik niet weet wat het is, of graaf ik een wortelstronk op van een boom die zelf al vergeten is.
Tuinbeelden: Hout is een vergankelijk materiaal. Beelden van eiken en acacia kunnen tientallen jaren blijven staan. Andere houtsoorten vergaan buiten sneller, ook als ze met olie zijn behandeld. Ze verliezen hun glans, maar krijgen een natuurlijker en verweerd, doorleefd, uiterlijk terug.
Steen
Mijn eerste beelden maakte ik in gasbeton. Een mooi materiaal om mee te oefenen, makkelijk te bewerken, en goedkoop. Het is niet sterk, maar na behandeling met vulmiddel, een versterkingsmiddel (Pretex) en met acrylverf is het een stuk sterker en ziet het er gladder en minder 'goedkoop' uit.
Speksteen is een zachte steensoort, makkelijk te bewerken ook, en zeer glad af te werken. Na behandeling met (meubel)was geeft het een zeer glad uiterlijk. Geen enkel stuk speksteen is gelijk, en er zijn grote verschillen tussen steen uit de verschilende landen, met name Brazilie, Pakistan/India en China.